God ontferm U.

Dagboeknoties van ergens in Maart.

De lucht is grijs in het park. Een paar dagen geleden leek het lente, een paar weken terug was de wereld bedekt met witte sneeuw. Die zonnige dagen leken gevuld met hoop en de witte sneeuw liet onze zorgen wegsmelten. Maar inmiddels is de lucht weer gevuld met wolken in diverse tinten grijs, lijken de bomen weer zo kaal en zoekt iedereen naar zekerheid en warmte. De wereld lijkt zo wispelturig en de kille wind werd me te veel. Ik moest weg. Even weg van de verplichtingen die ik mezelf op leg. Weg van de deadlines en verantwoordelijkheden die mij achtervolgen achter de voordeur. Ik pakte mijn dagboek en een pen en liep naar het park tot ik op dit bankje neerplofte. Ik heb zoveel behoefte aan rust en rituelen van rust. Stilstaan, een kaarsje branden, een kop thee met een boek. In plaats van het rondrennen op zoek naar prikkels tot ik iets voel. Juist dat voelen is te veel. Het water voor mijn neus beweegt zich kalm en ik voel een vreemde jaloezie. Zij hoeft niks, ze stroomt gewoon en zijn is voor haar genoeg. Ik wil ik zo zijn. Zonder deze warrige gedachten. Ik stop mijn dagboek weer weg en loop verder. Het park uit. Ik mag dan wel anders zijn dan het water maar ergens voelt het alsof ze een deel van mijn zorgen wegspoelt. Ik voel me veilig. De bomen zonder bladeren voelen alsof ze me snappen, alsof ze ook zo verlangen naar die periode van bloei. De wind in mijn gedachten lijkt op de wind die ik voel, de wind die de vogels draagt. Alle schepping lijkt met elkaar verbonden en te wijzen naar een ding: ook nu is God dichtbij. God ontferm u. Over alles.

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *